Headerafbeelding
kunstwerk zonder titel Leandra du Pau
Behandeling

Operatie bij urine stressincontinentie

Urine stressincontinentie is urineverlies bij inspanning, zoals tillen, sporten, hoesten en niezen.

Een operatie is hiervoor de meest ingrijpende behandeling. Hierbij brengt de gynaecoloog een kunststof bandje onder de urinebuis aan. De officiële naam van het bandje is Altis 'midurethrale mini sling’.

Hoe verloopt de behandeling?

Alle belangrijke informatie op een rij

Praktische tips

Wat neemt u mee?

Bij iedere afspraak in het ziekenhuis moet u meenemen: een geldig legitimatiebewijs, uw JBZ-patiëntenpas en uw Actueel Medicatie Overzicht (AMO). Hier vindt u meer informatie over wat u moet meenemen.

Opleidingsziekenhuis

In het JBZ leiden we verpleegkundigen, coassis­tenten, artsen en andere zorgverleners op. Dit betekent dat bij uw afspraak soms meerdere zorgverleners aanwezig zijn. En het kan zijn dat u onderzocht of behan­deld wordt door een zorgverlener in opleiding. Deze zorgverlener werkt altijd onder supervisie van een gekwali­ficeerde zorgverlener.

MijnJBZ

Via de beveiligde website MijnJBZ kunt u thuis uw persoonlijke en medische gegevens inzien zoals die in het JBZ bekend zijn.

Meer informatie

Code GYN-791
Laatste revisie: 18 mei 2021 - 15:10
Hoe verloopt de behandeling?

Operatie bij urine stressincontinentie

Persoonlijk voorlichtingsgesprek

Om u goed voor te bereiden op de operatie en het herstel krijgt u een voorlichtingsgesprek met een gespecialiseerd verpleegkundige. Dit kan op de polikliniek zijn, maar ook via videoconsult. Zij geeft u uitleg en advies over de leefregels na de operatie. Deze leefregels zijn erg belangrijk voor het beste resultaat en een goed herstel. Het voorlichtingsgesprek duurt 20 minuten. U krijgt hiervoor een uitnodiging thuis gestuurd. Kunt u op de vastgestelde datum niet komen? Bel dan zo snel mogelijk, maar uiterlijk een werkdag vóór de datum, naar de polikliniek.

We proberen deze afspraak tegelijk in te plannen met de afspraak op de afdeling POS/Intake. Dit betekent dat u deze ochtend 2 afspraken heeft. Houdt er rekening mee dat u ongeveer 2 uur in het ziekenhuis bent.

Preoperatieve Screening en Centraal Apotheek Punt

Het is belangrijk dat u goed en veilig wordt voorbereid op de operatie. Daarom heeft u enige tijd voor uw opname in het ziekenhuis een afspraak met het Centraal Apotheek Punt (CAP) en de afdeling PreOperatieve Screening (POS/Intake). Dit zijn meestal telefonische afspraken. De anesthesist kan het om medische redenen nodig vinden dat u naar het ziekenhuis komt voor de afspraak. Deze afspraak op de afdeling POS/Intake duurt dan ongeveer 1 uur.

Let op! De afspraken met het CAP en POS/Intake zijn belangrijk; uw operatie kan zonder deze afspraken niet door gaan. Heeft u een belafspraak; zorg dan dat u goed bereikbaar bent en de tijd heeft om alle vragen goed te beantwoorden.

Op www.jbz.nl/anesthesie leest u meer over de verdoving en bewaking tijdens de operatie. Als u hierover vragen heeft, kunt u deze bespreken tijdens uw afspraak met de afdeling POS/Intake.

Informatieboekje POS/Intake

Op de afdeling POS/Intake krijgt u een informatieboekje mee. Hierin leest u belangrijke informatie die u nodig heeft bij de voorbereiding op uw opname. Lees dit boekje goed door!

Inplannen operatie

Na de afspraak op de afdeling POS/Intake krijgt u een telefoontje of een brief van de operatieplanning. Zij plannen met u een operatiedatum. Kunt u op de vastgestelde datum niet komen? Belt u dan zo snel mogelijk, maar uiterlijk een werkdag voor de datum, naar de operatieplanner op telefoonnummer: (073) 553 38 90.

Nuchter zijn

Voor de operatie moet u nuchter zijn. Dit betekent dat u vanaf een bepaald tijdstip niets meer mag eten en drinken. U krijgt hierover uitleg van het Planbureau.

Verkouden en ziek?

Bent u de dagen voor de operatie erg verkouden? Moet u veel hoesten of heeft u koorts? Belt u dan minimaal 24 uur van tevoren met de operatieplanner op telefoonnummer: (073) 553 38 90.

Vervoer naar huis

Wij adviseren u dringend om niet zelf auto te rijden. Regel daarom iemand die u naar huis kan brengen.

Medicijnen tegen de pijn

U kunt pijn hebben na de operatie. Zorg dat u hiervoor medicijnen in huis heeft. U kunt Paracetamol 500 mg en 400 mg Ibuprofen gebruiken.

Waar meldt u zich?

U meldt zich bij de Infobalie van het ziekenhuis. De medewerker van de Infobalie wijst u verder naar de juiste afdeling.

Voor de behandeling

De verpleegkundige ontvangt u op de afdeling en bereidt u verder voor op de behandeling. Als u aan de beurt bent voor de operatie, brengt de verpleegkundige van de afdeling u naar het Operatiecentrum

De verpleegkundige brengt u eerst naar de 'holding'. Dit is de voorbereidingsruimte. Hier draagt de verpleegkundige u over aan de anesthesiemedewerker.

Op de holding sluiten we u aan op bewakingsapparatuur. U krijgt plakkers op de borst om de hartslag te meten en een klemmetje op uw vinger om het zuurstofgehalte in uw bloed te controleren. Ook krijgt u een band om uw arm waarmee de bloeddruk wordt gemeten. Verder krijgt u een infuus in uw hand of arm. Hierdoor kunnen we u medicijnen geven.

Het kan zijn dat de operateur en/of de anesthesioloog daarna nog langskomen om een paar laatste vragen te stellen. We brengen u vervolgens naar de operatiekamer.

Tijdens de behandeling

Tijdens de operatie wordt een kunststof bandje onder de urinebuis aangebracht. Hiervoor maakt de gynaecoloog via de vagina een sneetje van ongeveer 2 centimeter. Daarna wordt het bandje in de richting van de liezen ingebracht. Het bandje is één cm breed. Het wordt aan 2 kanten vastgezet aan bindweefselstructuur in het kleine bekken. Dit biedt stevigheid tijdens de periode dat het weefsel nog moet ingroeien.

Het bandje is gemaakt van soepel kunststof en heeft een netvormige structuur. Het bandje blijft voor altijd zitten en lost niet op. Nadat het bandje is geplaatst, vormt het een soort hangmat onder de urinebuis. Het geeft ondersteuning en helpt urineverlies te voorkomen bij inspanning. Als de druk in uw buik en op de blaas toeneemt bij lachen, hoesten of niezen, wordt de urinebuis tegen dit bandje aangedrukt. De urine kan er dan minder gemakkelijk door.

De operatie duurt ongeveer 15 tot 20 minuten. Na de operatie heeft u een klein wondje in de vagina. Dit wondje wordt gehecht met oplosbaar hechtmateriaal. Deze hechtingen lossen vanzelf op.

Registratiekaartje

Na de operatie krijgt u een registratiekaartje mee met een sticker van het gebruikte implantaat/bandje en het lotnummer. Dit kaartje moet u goed bewaren.

Uitslaapkamer

Na de operatie wordt u naar de uitslaapkamer gebracht. Hier worden uw bloeddruk, hartritme en zuurstofbehoefte gecontroleerd. Als u zich goed voelt, wordt u teruggebracht naar de verpleegafdeling.

Op de afdeling

Op de afdeling controleren we of u goed kunt plassen en de blaas goed leeg plast. Als u de blaas niet of onvoldoende kunt leegplassen, dan leren we u de blaas zelf leeg te maken met een dun slangetje (katheter). Dit noemen we zelf katheteriseren. Vaak is dit na een aantal dagen niet meer nodig.

Naar huis

Kunt u de blaas goed leegplassen en u voelt zich goed genoeg, dan mag u naar huis. Dit is ongeveer 3 tot 5 uur na de operatie.

Hoe succesvol is de behandeling?

De meeste vrouwen zijn erg opgelucht en tevreden na deze operatie. Na de operatie heeft 85% geen urineverlies meer. 95% van de geopereerde vrouwen verlies nog wel wat urine, maar duidelijk minder en is tevreden met het resultaat. Ongeveer een derde van de vrouwen die ooit is geopereerd aan incontinentie, krijgt later opnieuw incontinentie. Ook dat kan weer behandeld worden als er klachten zijn.

Wat zijn de risico's?

Bij elke operatie kunnen complicaties en onverwachte problemen optreden. Gelukkig komt dit na een operatie voor urineverlies heel weinig voor. Hieronder beschrijven we de meest voorkomende complicaties:

  • Blaasontsteking. Een blaasontsteking komt veel voor na een operatie voor urineverlies. Als het nodig is, krijgt u een antibioticum. Een blaasontsteking is daarmee goed te behandelen.
  • Wondinfectie. Dit is een zeldzame complicatie en kan behandeld worden met een antibioticum.
  • Nabloeding. Een nabloeding is een vrij zeldzame complicatie. Vaak is het voldoende om (opnieuw) een tampon in de vagina te brengen. Soms is een tweede operatie nodig.
  • Seksuele problemen. Een operatie om urineverlies tegen te gaan kan seksuele problemen geven, vooral pijn tijdens het vrijen. Door de operatie kan littekenweefsel ontstaan. Dit kan vooral in de eerste periode na de operatie gevoelig zijn. Ervaart u seksuele problemen na de operatie? Aarzel dan niet om een afspraak met de gynaecoloog te maken om hierover te praten. Deze problemen kunnen vaak verholpen worden.
  • Tijdelijk of permanent moeite met uit- of leegplassen van de blaas. Na de operatie kunt u sterkere aandrang voelen om te plassen of de urinestraal komt langzamer. Het kan ook voorkomen dat u na de operatie niet op natuurlijke wijze kunt plassen. Dit probleem kan soms een paar weken aanhouden. Als dit gebeurt, leren we u de blaas leeg te maken met een slangetje. Dit noemen we zelfkatheteriseren. Daarmee komt het in de meeste gevallen vanzelf goed, als uw blaas gewend is aan de nieuwe situatie. Een enkele keer is het nodig het bandje losser te maken, door te knippen of te verwijderen.
  • Verschuiving van het bandje waardoor het minder goed werkt.
  • Het bandje komt voor een deel bloot te liggen en wordt zichtbaar in de vagina. Soms treedt dit vlak na de operatie op, maar kan ook jaren later. Het kan ongemerkt gebeuren of u krijgt pijn vaginaal of u merkt het door pijn bij het vrijen. Dit kunnen we verhelpen met vaginale tabletten. Deze tabletten verhogen de doorbloeding van de vaginawanden en daarmee treedt genezing van het defect op. Of we hechten het defect opnieuw.
  • Ontstaan van een gaatje in de blaas of plasbuis.
  • Het is belangrijk om te weten dat bij toekomstige zwangerschappen het effect van deze operatie verdwijnt en er opnieuw incontinentie kan ontstaan.

Herstel thuis

De eerste dagen na de operatie zijn uw liezen en vagina gevoelig. Hiervoor krijgt u pijnstillers. De pijn wordt minder of is verdwenen na ongeveer 2 weken. Probeer heftig hoesten te voorkomen. Uw herstel heeft tijd nodig. Het bandje moet goed vast komen te zitten. Daarom is het belangrijk om het rustig aan te doen. Uw lichaam geeft aan wat u aankunt. Het is belangrijk dat u daarnaar luistert. Ga niet te snel te veel doen.

Een week na de operatie belt de verpleegkundige u op om te vragen hoe het met u gaat.

Adviezen voor thuis

Eten en drinken

Als u thuis bent, mag u gewoon eten en drinken. Wij raden u aan om vezelrijk te eten, zoals volkoren producten en fruit. En per dag minimaal anderhalf tot twee liter te drinken. Dat houdt de stoelgang soepel en geeft de minste problemen. Dat is belangrijk omdat u niet mag persen. In overleg met uw specialist kunt u eventueel laxeermiddelen gebruiken.

Tillen

Zwaar tillen en zwaardere huishoudelijke bezigheden kunt u de eerste 4 weken na de operatie beter niet doen. Wel kunt u meestal na 1 week weer licht huishoudelijk werk doen.

Douchen, baden en zwemmen

U mag gewoon douchen. U mag wel pas na 4 weken weer in bad en zwemmen.

Afscheiding

Het kan zijn dat u wat afscheiding heeft. U kunt hiervoor een inlegkruisje of verbandje gebruiken.

Tampons

Gebruik de eerste 4 weken na de operatie geen tampons.

Hechtingen

In de weken na de operatie lossen de hechtingen in de vagina vanzelf op. De hechtingen kunnen tot ruim 6 weken na de operatie vanzelf uit de vagina komen.

Werk

Werkt u buitenhuis? Dan adviseren we u om dit de eerste weken niet te doen. Bij lichamelijk zwaar werk is het verstandig nog iets langer te wachten met werken. U kunt dit al voor de operatie met de gynaecoloog en uw bedrijfsarts bespreken. Eventueel kunt u samen met uw bedrijfsarts een plan opstellen.

Autorijden

Autorijden, maar ook het besturen van andere vervoersmiddelen mag alléén doen als u weer goed bent hersteld. Dit zegt de wet. Uw arts kan en mag niet beoordelen of u in staat bent om uw auto te besturen. U moet dus zelf een inschatting maken of het veilig en verantwoord is om te rijden na een behandeling. Autorijden doet u altijd op eigen risico. Vanwege de behandeling adviseert de arts u de eerste 4 weken niet zelf auto te rijden. Wij adviseren u om uw autoverzekeringspolis te bekijken omdat ook uw verzekeraar bepaalde eisen kan stellen aan het rijden na een behandeling.

Seksualiteit

We adviseren u om de eerste 6 weken geen seks te hebben. Zo geeft u de vaginawand de kans om te genezen. 

Leefregels voor thuis

0 tot 1 weken

Mag u niet meer dan 1 tot 2 kilogram mag tillen.

2 tot 4 weken

Mag u niet meer dan 5 kilogram mag tillen.

Vanaf 4 weken

U kunt uw dagelijkse activiteiten weer oppakken.

Als het mogelijk is, til dan niet meer dan 10 tot 12 kilogram. Door zwaar te tillen kunt u weer opnieuw klachten krijgen. Daarom adviseren we u dit zo min mogelijk te doen.

Bij welke klachten belt u?

U belt bij één van de volgende problemen:

  • bij toenemende pijn;
  • aanhoudende koorts boven de 38°C;
  • bij een blaasontsteking: u moet vaak plassen en u heeft een branderig gevoel bij het plassen;
  • moeilijk kunnen plassen;
  • sterk ruikende abnormale afscheiding;
  • toenemend (helderrood) bloedverlies;
  • moeilijk naar het toilet kunnen om te poepen;
  • wegblijven van de menstruatie in combinatie met buikpijn.

Wat doet u bij problemen thuis?

Krijgt u vóór uw controleafspraak meer pijn of blijft u pijn houden? Of zijn er andere problemen die te maken hebben met de operatie? Dan belt u het ziekenhuis.

Tijdens kantoortijden belt u naar de Spoedafdeling Gynaecologie en Verloskunde: (073) 553 20 20. In dringende gevallen buiten kantoortijden belt u de afdeling Verloskunde, telefoonnummer: (073) 553 20 22.

Bij vragen of problemen ná uw eerste controleafspraak belt u uw huisarts.

Heeft u geen controleafspraak in het ziekenhuis? Dan belt u met het ziekenhuis bij problemen in de eerste 10 dagen na de operatie. Ná 10 dagen belt u met uw huisarts.

Na 3 maanden komt u op controle.

Krijgt u binnen 3 maanden na de operatie opnieuw klachten? Dan belt u eerder naar de polikliniek Gynaecologie.

Bij vragen kunt u bellen naar de polikliniek Gynaecologie, telefoonnummer: (073) 553 62 50.