Headerafbeelding
Operatiedossier Operatiekamer 2
Behandeling

Operatie aan een vernauwing in het wervelkanaal (laminectomie)

Bij een laminectomie opereert de neurochirurg een vernauwing (stenose) van het wervelkanaal.

De vernauwing is meestal het gevolg van slijtage. Hierdoor komen zenuwwortels en zenuwen klem te zitten. De neurochirurg verwijdert een of meerdere wervelbogen om ruimte te maken voor de zenuwwortels.

Hoe verloopt de behandeling

Hier vindt u alle belangrijke informatie over uw behandeling

Praktische tips

Wat neemt u mee?

Bij iedere afspraak in het ziekenhuis moet u meenemen: een geldig legitimatiebewijs, uw JBZ-patiëntenpas en uw Actueel Medicatie Overzicht (AMO). Hier vindt u meer informatie over wat u moet meenemen.

Opleidingsziekenhuis

In het JBZ leiden we verpleegkundigen, coassis­tenten, artsen en andere zorgverleners op. Dit betekent dat bij uw afspraak soms meerdere zorgverleners aanwezig zijn. En het kan zijn dat u onderzocht of behan­deld wordt door een zorgverlener in opleiding. Deze zorgverlener werkt altijd onder supervisie van een gekwali­ficeerde zorgverlener.

Bekijk uw zorgverzekering

Het is uw eigen verantwoordelijkheid na te gaan of u verzekerd bent voor de zorg waarvoor u naar het Jeroen Bosch Ziekenhuis komt. Bekijk van tevoren uw polisvoorwaarden of informeer bij uw zorgverzekeraar.

MijnJBZ

Via MijnJBZ kunt u zelf een deel van uw persoonlijke en medische gegevens inzien die in het JBZ over u bekend zijn. Zie ook: Wat kan ik in MijnJBZ zien? 

Gegevens delen

Wilt u dat zorgverleners buiten het Jeroen Bosch Ziekenhuis uw medische gegevens kunnen inzien? Dan moet u het JBZ toestemming geven om uw gegevens beschikbaar te stellen.

Wat gebeurt er tijdens uw afspraak bij het CAP en de POS/Intake?

Uw afspraak bij het CAP en de POS/Intake verloopt als volgt….

Betrokken afdelingen

Code NEU-023
Laatste revisie: 7 februari 2022 - 09:28
Hoe verloopt de behandeling

Operatie aan een vernauwing in het wervelkanaal (laminectomie)

Wat neemt u mee bij opname?

  • Goede schoenen, dus geen pantoffels, slippers, plastic klompen of losse laarzen enzovoort.
  • Folder “Herniaoperatie en/of laminectomie, oefeningen en richtlijnen” van de fysiotherapeut.
  • Uw eigen medicijnen, zodat u deze kunt innemen tijdens de opname.

Nuchter zijn

Opereren kan alleen als u nuchter bent. ‘Nuchter’ betekent dat uw maag leeg is. Zo wordt voorkomen dat de inhoud van uw maag tijdens de operatie in de luchtpijp en longen terechtkomt. Dit zou tot ernstige complicaties kunnen leiden.

U moet voor een operatie altijd nuchter zijn, ook als u een regionale verdoving (bijvoorbeeld ruggenprik) krijgt. Om te zorgen dat u nuchter bent, houdt u zich aan de volgende regels:

Tot 6 uur voor het tijdstip van opname:

  • U mag normaal eten en drinken.

Vanaf 6 uur voor het tijdstip van opname:

  • U mag niets meer eten (ook geen snoepjes). U mag nog wel kauwgom kauwen, maar u mag deze niet doorslikken.
  • U mag nog wel drinken: water, helder appelsap, thee of koffie zonder melk (eventueel met zoetjes of suiker).
  • U mag niet meer drinken: melk(producten), koolzuurhoudende dranken of alcohol.

Vanaf 2 uur voor het tijdstip van opname:

  • U mag niets meer eten en drinken (ook geen  snoepjes). U mag ook geen kauwgom meer kauwen.
  • Een slokje water om medicijnen in te nemen - of bij het tandenpoetsen - mag wel.

Na opname op de afdeling: 

  • Na opname kunt u nog tot 300 ml ranja (dat zijn 2 glaasjes) met paracetamol op de afdeling van opname aangeboden krijgen. 

Als u een dag vóór de operatie wordt opgenomen, volgt u de instructies van de verpleegafdeling over het nuchter zijn.  

Vervoer naar huis

Wij adviseren u dringend om niet zelf auto te rijden. Regel daarom iemand die u naar huis kan brengen.

Afspreken van de operatiedatum

U komt op een wachtlijst voor de operatie. De wachttijd voor de operatie is één tot enkele weken. De secretaresse van de neurochirurgen weet niet wanneer u de oproep krijgt.

1 week voor de operatie belt de secretaresse u om door te geven wanneer u geopereerd wordt. Een dag voor de opname krijgt u van het Planbureau te horen op welke afdeling u wordt opgenomen en hoe laat u daar verwacht wordt.

Informatieboekje voorbereiding opname

Van de afdeling Preoperatieve Screening (POS) krijgt u een informatieboekje. Hierin leest u belangrijke informatie die u nodig heeft bij de voorbereiding op uw opname. U krijgt het boekje als papieren versie en/of als digitale versie in uw MijnJBZ. Lees dit boekje goed door!

Afspraak fysiotherapie

U krijgt van de secretaresse een belafspraak met de fysiotherapeut.

  • De fysiotherapeut belt u op. U krijgt dan een korte uitleg over de folder: 'Oefeningen en richtlijnen na een hernia/laminectomie'.
  • In deze folder vindt u bijvoorbeeld uitleg over, houdingen voor in bed, maar ook hoe u het beste uit bed kunt komen.
  • Na het telefoongesprek met de fysiotherapeut kunt u deze folder zien in uw dossier in MijnJBZ of u krijgt de folder met de post thuis.
  • Neem deze folder mee als u naar het ziekenhuis komt voor de operatie.

Thuiszorg

Verwacht u van te voren problemen om uzelf te kunnen verzorgen aan de wastafel of bij het douchen, ondanks de hulp van mantelzorg? Dan raden wij u aan om voor uw opname de thuiszorg al te regelen via uw huisarts. U gaat namelijk 2 dagen na de operatie al met ontslag.

Huishoudelijke hulp

  • Een aantal dagen na de operatie mag u weer licht huishoudelijk werk doen, zoals afwassen, koffie zetten, tafel dekken enzovoort.
  • U mag 4 weken geen zwaar huishoudelijk werk doen, zoals stofzuigen.
  • Heeft u hulp nodig bij huishoudelijk taken? Dan moet u dit zelf aanvragen. Huishoudelijke hulp kan namelijk alleen door uzelf worden aangevraagd bij het WMO-loket van uw gemeente. U kunt dit het beste regelen voordat u wordt opgenomen. De gemeente bepaalt of u in aanmerking komt voor huishoudelijke hulp.

Resistente bacterie (BRMO)

Draagt u een resistente bacterie (bijvoorbeeld MRSA of ESBL) bij u? Dan kan dit voor uzelf en voor medepatiënten een risico geven bij een medische behandeling.

Het is daarom heel belangrijk dat u doorgeeft als u:

  • in de afgelopen 2 maanden opgenomen of behandeld bent geweest, in een buitenlandse zorginstelling;
  • in de afgelopen 2 maanden opgenomen bent geweest in een Nederlands ziekenhuis of verpleeghuis, waar een resistente bacterie aanwezig was;
  • in de afgelopen 2 maanden in een instelling voor asielzoekers heeft gewoond;
  • door uw beroep in contact komt levende varkens, vleeskalveren of vleeskuikens (bijvoorbeeld: varkens-, kalver- en pluimveehouders, veeartsen, medewerkers slachthuis);
  • woont op een bedrijf met varkens, kalveren of vleeskuikens;
  • ooit besmet bent geweest met een resistente bacterie;
  • contact heeft met iemand die een resistente bacterie bij zich draagt.

Zo nodig onderzoeken we dan of u een resistente bacterie bij u draagt of dat u een COVID-19-besmetting heeft. Als dat zo is dan nemen we in het ziekenhuis maatregelen om te voorkomen dat de bacterie of het virus zich verspreidt.

Geldt een van bovenstaande punten voor u, geef dit dan door aan de polikliniek of afdeling die het onderzoek of de behandeling met u heeft afgesproken.

Waar meldt u zich?

U meldt zich bij de Infobalie van het ziekenhuis. De medewerker van de Infobalie wijst u verder naar de juiste afdeling.

Voor de behandeling

Bloedprikken

Heeft de anesthesist u verteld dat u bloed moet laten prikken voor de opname? Meldt u zich dan voordat u naar de verpleegafdeling gaat bij de polikliniek Bloedafname, gebouw B, verdieping 0, ontvangst 3. Het formulier hiervoor heeft u gekregen bij uw afspraak op de afdeling POS/Intake.

Verpleegafdeling

Op de afdeling ontvangt een verpleegkundige u. De verpleegkundige neemt met u de gegevens door en doet een aantal controles, zoals het meten van uw bloeddruk. Heeft u diabetes, dan controleert de verpleegkundige uw bloedsuiker op de afdeling. Afhankelijk van de waarde krijgt u al een infuus met vocht en insuline. Verder krijgt u een korte uitleg over de afdeling.

Voordat de verpleegkundige u naar de operatieafdeling brengt, krijgt u eventueel nog paracetamol en rustgevende medicijnen. Uw familie mag niet mee naar de operatiekamer.

Tijdens de behandeling

  • Op de operatieafdeling krijgt u een infuus en geeft de anesthesioloog u de verdoving.
  • U ligt tijdens de operatie op uw buik op de operatietafel, iets geknikt in de heupen en knieën.
  • De neurochirurg maakt een snee in uw huid midden boven de wervelkolom, precies boven de plaats waar de vernauwing zit.
  • Daarna maakt de neurochirurg de lange rugspieren los, schuift deze opzij. De neurochirurg opent het wervelkanaal en legt de zenuw vrij.
  • De neurochirurg verwijdert 1 of meer wervelbogen en sluit de wond meestal met oplosbare hechtingen.

De operatie duurt ongeveer 1 tot 2 uur.

Uitslaapkamer

Na de operatie wordt u naar de uitslaapkamer gebracht. Hier worden uw bloeddruk, hartritme en zuurstofbehoefte gecontroleerd. Als u zich goed voelt, wordt u teruggebracht naar de verpleegafdeling.

Na de behandeling

  • Zodra u terug bent op de afdeling, belt de verpleegkundige uw familie.
  • U moet 4 uur op uw rug liggen om bloedinkjes in de wond zoveel mogelijk tegen te gaan.
  • Na 4 uur mag u in overleg met de verpleegkundige rustig gaan draaien en bewegen in bed. De verpleegkundige legt u uit hoe u moet draaien en begeleidt u de eerste keer. Uw hoofdsteun mag niet hoger dan 30° staan.
  • Nadat de verpleegkundige u uitleg heeft gegeven over het in- en uit bed komen, mag u rustig weer in beweging komen. Dit mag niet langer dan 15 minuten.
  • U mag ook weer eten en drinken, doe dit als het kan aan de tafel.
  • U mag niet op uw buik liggen.
  • De verpleegkundige controleert uw polsslag, uw bloeddruk en de werking van uw benen.
  • Na 6 uur moet u al een keer geplast hebben. Heeft u nog niet geplast, dan maakt de verpleegkundige uw blaas leeg met een slangetje (katheter).
  • Als u een wonddrain heeft en er weinig in de drain zit verwijdert de verpleegkundige deze na 6 uur.
  • Omdat u weinig beweging heeft, is er een verhoogde kans dat er bloedstolsels ontstaan. Om dit tegen te gaan, krijgt u een injectie Fraxiparine.

Pijn en klachten na de behandeling

Na de operatie voelt u wondpijn. Daarvoor krijgt u pijnstillende medicijnen. De verpleegkundige vraagt u 4 keer per dag hoeveel pijn u heeft op dat moment. U geeft een pijncijfer tussen de 0 en 10.

  • 0 betekent géén pijn en 10 de ergste denkbare pijn.
  • Bij een cijfer van 4 of hoger heeft u matige tot ernstige pijn. Behandeling is dan nodig. Dit wil zeggen dat u dan extra medicijnen nodig heeft om de pijn te verminderen.
  • Een pijncijfer lager dan 4 betekent dat de pijn voor u dragelijk is.

Het is belangrijk dat u de verpleegkundige laat weten hoe het met de pijn is. Als dit nodig is, kan de dosis van het medicijn tegen de pijn op tijd aangepast worden.

Wat zijn de risico's?

Bij elke operatie bestaat een risico op mogelijke problemen. Uw behandelend arts heeft deze al met u besproken.

Mogelijke problemen kunnen zijn:

  • doof gevoel of verlies van kracht;
  • nabloeding;
  • infectie van de wond;
  • vochtlekkage bij de wond, waarbij u soms hoofdpijn kunt krijgen.

Naar huis

  • Bij een laminectomie mag u na 2 dagen weer naar huis.
  • U mag naar huis als u goed kunt lopen en de klachten onder controle zijn.
  • U kunt u zelfstandig, met hulp van een mantelzorger of de thuiszorg, douchen of uzelf verzorgen aan de wastafel. Als u hier moeite mee heeft, kunt u tips en adviezen vragen aan de verpleegkundige van de afdeling.
  • De afstand tussen de afdeling en de uitgang is erg groot. Wij raden u daarom aan om u op de afdeling op te laten halen, eventueel met een rolstoel. Deze staan beneden bij de bezoekersingang.

Voor u naar huis gaat

De verpleegkundige controleert en verzorgt de wond. Hierna komt een fysiotherapeut bij u. Die geeft u uitleg over niet-belastende oefeningen die meehelpen aan het herstel van uw rug. De fysiotherapeut gaat samen met u lopen en traplopen. Hij/zij kijkt naar de veiligheid hiervan. Verder krijgt u uitleg over wat u wel en niet mag doen.

Medicijnen

  • De Fraxiparine injectie die u in het ziekenhuis kreeg, hoeft u thuis niet meer te gebruiken. Thuis beweegt u meer dan in het ziekenhuis.
  • Uw eventuele eigen bloedverdunners moet u thuis wel innemen. Uw arts spreekt met u af wanneer u de bloedverdunners weer moet gaan innemen.
  • Als pijnstilling mag u vier keer per dag, twee paracetamol tabletten van 500 mg innemen. Mocht dit te weinig zijn, neem dan contact op met uw huisarts of de polikliniek Neurologie.
  • Gebruikte u thuis opiaten, dan krijgt u van de verpleegkundige een afbouwschema mee.

Operatiewond

  • Een operatiewond is gevoelig voor infectie. Houdt u er rekening mee, dat het ongeveer een week duurt voordat de wond genezen is.
  • Op de dag van ontslag krijgt u een nieuwe Leukomed (8.0x15cm) verbandpleister op uw wond. U krijgt geen pleisters mee van het ziekenhuis. Deze kunt u zelf bij de apotheek kopen.
  • Op de operatiewond moet 5 dagen een pleister blijven zitten. Als de wond nog na lekt dan plakt u een pleister over de wond tot deze niet meer na lekt.
  • U mag thuis douchen met de pleister maar niet in bad omdat de wond dan week wordt. Na het douchen is het wel belangrijk dat u de pleister vervangt.
  • De wond mag niet te vochtig worden de eerste week.
  • De operatiewond kan enkele dagen tot weken gevoelig blijven. Bij sommige mensen duurt dit langer.
  • In de ontslagbrief die u mee naar huis krijgt leest u meer over de wondverzorging.

Hechtingen

Heeft u hechtingen die niet oplosbaar zijn? Of blijven er hechtingen zichtbaar na ongeveer 10 dagen? Dan mag u deze laten verwijderen door de huisarts.

Pijn in uw been

Het kan voorkomen dat u in de eerste 2 maanden na de operatie nog pijn in uw been voelt. Deze pijn kan per dag wisselen en wordt meestal veroorzaakt door irritatie van de zenuw. De zenuw heeft enige tijd nodig om te herstellen. Soms zit er wat vocht rondom de zenuw door de operatie. De pijn verdwijnt vaak binnen 2 tot 3 maanden. Meestal verdwijnen de eventuele rugklachten die u voor de operatie had niet helemaal.

Wat doet u bij problemen thuis?

Krijgt u vóór uw controleafspraak meer pijn of blijft u pijn houden? Of zijn er andere problemen die te maken hebben met de operatie? Dan belt u het ziekenhuis.

  • Tijdens kantoortijden belt u naar de polikliniek Neurologie, telefoonnummer: (073) 553 23 25.
  • In dringende gevallen buiten kantoortijden belt u verpleegafdeling Neurologie, telefoonnummer (073) 553 25 12.

Bij vragen of problemen ná uw eerste controleafspraak belt u uw huisarts.

Heeft u geen controleafspraak in het ziekenhuis? Dan belt u met het ziekenhuis bij problemen in de eerste 10 dagen na de operatie. Ná 10 dagen belt u met uw huisarts.

Bij welke klachten neemt u contact op met de verpleegafdeling?

  • Onhoudbare pijn in rug of been.
  • Ongewone zwelling van de wond
  • Opengesprongen wond.
  • Pus uit de wond
  • Hoge koorts.
  • Lekkage van vocht bij de wond.
  • Toenemend krachtverlies aan één of beide benen.
  • Verschijnselen van incontinentie, dit is het laten lopen van de urine of ontlasting zonder dat u daar invloed op hebt gehad.
  • Als u of uw fysiotherapeut het niet vertrouwt.

U heeft ongeveer 6 weken na de operatie een controleafspraak bij de neurochirurg op de polikliniek Neurologie. U krijgt een afspraak mee voor de controle.

Als u na het lezen van deze informatie nog vragen heeft kunt u contact opnemen met de polikliniek Neurologie, telefoonnummer (073) 553 23 25.