Headerafbeelding
Vaas op tafel in wachtkamer met zicht op binnentuin
Behandeling

Nefrostomiekatheter

Met een nefrostomiekatheter kan urine rechtstreeks uit de nier wegstromen.

In overleg met uw arts is met u besloten een nefrostomiekatheter bij u in te brengen. Er wordt een slangetje in uw nier gebracht dat door de huid naar buiten komt. De urine wordt opgevangen in een zakje. 

Lees meer

Wanneer is een nefrostomiekatheter nodig?

Deze katheter is nodig als de urine niet goed van de nier naar de blaas kan stromen. Dit wordt obstructie genoemd. Een van de meest voorkomende oorzaken van obstructie is een niersteen die klem zit in de urineleider. De urine die niet langs deze steen kan, blijft dan in de nier achter. De nier zet uit door de grote hoeveelheid urine. De urine kan dan geïnfecteerd raken, zodat met spoed een nefrostomiekatheter nodig is. De gestuwde en ontstoken nier wordt op deze manier ontlast. De steen in de urineleider wordt pas verwijderd als de infectie tot rust is gekomen.

Een andere reden om een nefrostomiekatheter in te brengen is een operatie aan de nier (bijvoorbeeld de verwijdering van een steen in de nier of het opheffen van een vernauwing in de overgang tussen nier en urineleider). Het inbrengen van de katheter gebeurt dan meestal vlak voor de operatie.

Een nefrostomiekatheter kan ook worden gebruikt om de nier te ontlasten wanneer de urineleiders van buitenaf dichtgedrukt worden, bijvoorbeeld door een tumor.

De doorgang tussen de nier en de blaas kan ook worden verbeterd door een inwendige katheter in te brengen via de plasbuis. Het ene uiteinde van de katheter ligt dan in de nier, het andere uiteinde in de blaas. Een inwendige katheter is echter niet altijd geschikt.

Hoe verloopt de behandeling?

Hier vindt u alle belangrijke informatie over uw behandeling

Praktische tips

MijnJBZ

Via de beveiligde website MijnJBZ kunt u thuis uw persoonlijke en medische gegevens inzien zoals die in het JBZ bekend zijn.

Bekijk uw zorgverzekering

Het is uw eigen verantwoordelijkheid na te gaan of u verzekerd bent voor de zorg waarvoor u naar het Jeroen Bosch Ziekenhuis komt. Bekijk van tevoren uw polisvoorwaarden of informeer bij uw zorgverzekeraar.

Opleidingsziekenhuis

In het JBZ leiden we verpleegkundigen, coassis­tenten, artsen en andere zorgverleners op. Dit betekent dat bij uw afspraak soms meerdere zorgverleners aanwezig zijn. En het kan zijn dat u onderzocht of behan­deld wordt door een zorgverlener in opleiding. Deze zorgverlener werkt altijd onder supervisie van een gekwali­ficeerde zorgverlener.

Betrokken afdelingen

Code URO-007
Laatste revisie: 10 januari 2020 - 16:09
Hoe verloopt de behandeling?

Nefrostomiekatheter

Hoe bereidt u zich voor?

  • Het plaatsen van de nefrostomiekatheter gebeurt meestal op de afdeling Radiologie (röntgen) onder plaatselijke verdoving. U hoeft niet nuchter zijn voor de ingreep, behalve als deze onder narcose wordt verricht.
  • U krijgt van tevoren antibiotica toegediend.
  • Wanneer u bloedverdunnende middelen gebruikt (Sintrom, Marcoumar, Acetosal, enz) moet u dit vertellen aan uw behandelend arts. Deze medicatie zal in overleg met uw behandelend arts enige dagen voor de ingreep gestopt worden.

Wat neemt u mee?

  • Uw legitimatiebewijs (geldig paspoort, rijbewijs, identiteitskaart of vreemdelingenkaart).
  • Uw patiëntenpas van het Jeroen Bosch Ziekenhuis.
  • Uw Actueel Medicatie Overzicht (AMO). Het is voor uw arts belangrijk te weten welke medicijnen u thuis gebruikt. Uw apotheek kan dit overzicht voor u uitprinten. Vraag hierom kort voordat u het ziekenhuis bezoekt.
  • BIJ OPNAME ook de medicatie voor de eerste 24 uur in de oorspronkelijke verpakking.

Opname

Voor deze ingreep wordt u enkele uren opgenomen op de afdeling Dagbehandeling.

Waar meldt u zich?

U meldt zich bij de Infobalie van het ziekenhuis. De medewerker van de Infobalie wijst u verder naar de juiste afdeling.

Vervoer naar huis

Wij adviseren u dringend om niet zelf auto te rijden. Regel daarom iemand die u naar huis kan brengen.

Kunt u niet naar uw afspraak komen?

Belt u dan zo snel mogelijk, maar uiterlijk een werkdag voor de opnamedatum, naar de polikliniek Urologie.

Bent u de dagen voor de operatie/behandeling erg verkouden? Moet u veel hoesten of heeft u koorts? Neemt u dan minimaal 24 uur van tevoren contact op met de polikliniek Urologie.

Wat gebeurt er tijdens de behandeling?

U ligt op uw buik eventueel ondersteund door een kussen. Na desinfectie van de rughuid (meestal met jodium) worden de huid en het weefsel daaronder verdoofd met een injectie.

Met behulp van een echografieapparaat wordt de nier in beeld gebracht.

Met een dunne naald wordt de nier aangeprikt (punctie). (Zie afbeelding 1). Het aanprikken van de nier kan pijnlijk zijn. Deze naald wordt daarna vervangen door een katheter (een dun slangetje) van buigzaam materiaal. Deze katheter blijft goed in de nier liggen omdat er aan het uiteinde een krul of ballon zit. Ook wordt de katheter vaak nog vastgehecht aan de huid (zie afbeelding 2).

De urine stroomt nu via de katheter in een katheterzak buiten het lichaam. De katheter wordt afgedekt met een steriel gaas en vastgezet met pleisters.

plaatje van het insteken nefrostomiekatheter

Risico's of bijwerkingen

  • Heel soms gaat het verzamelsysteem van de nier lekken door de punctie (het aanprikken). Er komt dan urine buiten de nier. Als er veel urine weglekt is het soms nodig om de urine op een later moment via een nieuwe punctie af te voeren (draineren).
  • Bij alle ingrepen aan de nier kan een bloeding optreden. Meestal stopt zo’n bloeding vanzelf. Heel soms moet een nieroperatie volgen.
  • Ook is mogelijk dat de katheter bij het inbrengen door een darmlis gaat. Met name de dikke darm kan geraakt worden. Een operatie is dan soms nodig. Ook deze complicatie is zeldzaam.

Als u klachten krijgt zoals erge pijn, koorts, enzovoorts, zal worden onderzocht of er sprake is van een van deze complicaties.

De nefrostomiekatheter wordt goed vastgemaakt. Toch kan deze soms uit de nier raken en uitvallen. De katheter moet dan opnieuw worden ingebracht. Soms is er een kanaal ontstaan tussen nier en huid. Dan kan de katheter direct weer ingebracht worden. Als de nefrostomiekatheter uitvalt moet u direct uw behandelend arts waarschuwen.

Wat heeft u nodig?

Van het ziekenhuis krijgt u een nefrostomiekatheterpakket mee naar huis. De materialen in dit pakket zijn van de firma Hoogland Medical. Als deze materialen op zijn kunt u deze telefonisch bijbestellen bij deze firma. Hun gegevens vindt u in het katheterpakket dat u heeft meegekregen.

Verzorging van de katheter

Een nefrostomiekatheter vraagt om een speciale verzorging. Zeker als de katheter langere tijd blijft zitten. Iemand uit uw omgeving kan dit na goede instructie zelf doen. Deze verzorging kan (meestal) ook geleverd worden door een deskundige (wijk)verpleegkundige.

Verzorging van de insteekopening

De insteekopening moet steeds na het douchen en anders om de 3 dagen verzorgd worden. Hiervoor heeft u nodig:

  • gazen 10 x 10 cm (non-woven kompressen);
  • Fixomull stretch 10 cm x 10 ;
  • Schone schaar.

Het verzorgen doet u als volgt:

  • Zorg er voor dat de huid rondom de insteekopening goed droog is, voordat u deze weer gaat afplakken.
  • Neem twee gazen uit de verpakking, maak hier met een schone schaar een inkeping in tot het midden (zie afbeelding 3).
  • U legt de gazen om en om rondom de insteekopening. Zorg ervoor dat de gazen onder de katheter op de huid liggen. (zie afbeelding 4)
  • Neem dan nog twee à drie gazen en leg deze op de katheter. De insteekopening is hiermee helemaal afgedekt. (zie afbeelding 5)
  • Knip twee stroken van de fixomull-rol, elk ongeveer 15 cm. Plak hiermee de gazen volledig af. De katheter is zo goed vastgezet.
  • Als u wilt kan op de buik/flank nog een klein reepje fixomull geplakt worden.

plaatje van 3 gaasjes voor de verzorging van de insteekopening

 

Omgaan met de katheterzakken

Aan de katheter wordt een urineopvangzakje verbonden. Dit kan eventueel op het bovenbeen vastgemaakt worden met behulp van een bandsysteem of een speciale kous. Er zijn twee soorten katheterzakken: beenzakken en nachtzakken.

De beenzakken kunt u overdag dragen onder uw kleding. Deze zakken gaan ongeveer zeven dagen mee. Als u deze beenzak vervangt kunt u de oude weggooien. De nachtzakken kunt u schoonspoelen met kraanwater. Laat de zak hierna drogen. Doe dit niet op de verwarming, omdat dit kan zorgen voor bacteriën. In het pakket is meestal een trechtertje aanwezig om de katheterzakken schoon te spoelen.

's Nachts koppelt u de nachtzak aan de beenzak. Let op dat u het verbindingsstukje hebt openstaan. De nachtzak is groter. Omdat er meer urine in kan hoeft u ’s nachts niet uit bed om de zak te legen. Zorg ervoor dat de katheterzak lager hangt dan uw lichaam. Leg de nachtzak bijvoorbeeld op de grond of hang hem aan de bedrand. Op deze manier kan de urine uit de nier in de katheterzak lopen.

Het aankoppelen van de katheterzakken gaat als volgt:

  • Zorg dat u de nodige materialen binnen handbereik heeft. Maak de oude zak los van de katheter. Dit doet u door voorzichtig het rubber van de tip van de katheterzak te schuiven.
  • Haal het dopje van de nieuwe katheterzak en plaats de katheterzak op de katheter. Zorg dat het goed vast zit.
  • Het is verstandig om een handdoek of papiertje onder de katheter te leggen, voor het geval u wat urine knoeit. Probeer het aansluitstukje van de katheterzak niet aan te raken. Hierdoor kunnen bacteriën in uw nier komen.

Spoelen van de katheter

Een nefrostomiekatheter hoeft in principe niet gespoeld te worden, zolang er urine geproduceerd wordt. Neem contact op met uw behandelend arts als u denkt dat de katheter verstopt is. Eerst wordt dan gekeken of de katheter ergens geknikt is. Bij twijfel over de doorgankelijkheid van de katheter wordt fysiologisch zout ingespoten om te zien of alles goed doorstroomt. Ook bij een lekkage wordt gecontroleerd of er sprake is van een knik of afknelling.

Verwisselen van de katheter

Het verwisselen van de nefrostomiekatheter gebeurt meestal na 3 maanden en is vrij eenvoudig. Het verwisselen gebeurt op de afdeling Radiologie (röntgen) tijdens een dagopname. Eerst wordt een zogenaamde voerdraad in de reeds aanwezige katheter geschoven. De katheter wordt verwijderd, de voerdraad blijft zitten. Over de voerdraad wordt een nieuwe katheter geschoven en deze wordt opnieuw vastgemaakt.

Waar moet u op letten?

  • U mag met de nefrostomiekatheter gewoon douchen.
  • In bad gaan of zwemmen mag u niet.
  • U mag autorijden.
  • Wat betreft werkzaamheden: luister naar uw lichaam.
  • Doe het rustig aan.
  • Als u voor de ingreep bloedverdunnende middelen gebruikte, mag u het gebruik hiervan hervatten als de urine niet meer bloederig is.

________________________________________________________________________

________________________________________________________________________

________________________________________________________________________

________________________________________________________________________

________________________________________________________________________

 

Controle-afspraak

Er wordt voor u een controle-afspraak gemaakt bij de arts om het verdere beleid te bepalen. Heeft u eerder problemen? Neemt u dan telefonisch contact op met de polikliniek Urologie. 

Heeft u nog vragen?

In deze informatie kunt u lezen hoe de behandeling meestal verloopt. Het kan zijn dat deze in uw geval wat anders verloopt. De arts kan soms voor een andere behandelingsmethode kiezen, die beter past bij uw situatie. Aan het begin van de behandeling zal de arts u vertellen wat er gaat gebeuren. Wanneer u op dat moment nog vragen heeft, kunt u deze ook aan hem stellen.

U kunt ook bellen naar de polikliniek Urologie : (073) 553 60 10.

Het telefoonnummer van de polikliniek Urologie van locatie Boxtel is: (073) 553 68 58 (bereikbaar op woensdag van 9.00 - 12.00 uur en van 13.30 - 16.30 uur en op maandag van 13.30 - 16.30 uur.)

Heeft u vragen of problemen na ontslag?

Heeft u na uw ontslag bij afdeling Kort Verblijf (B3) nog vragen over uw opname? Dan kunt u contact met ons opnemen tijdens het telefonisch spreekuur: maandag t/m zondag van 10.30 - 11.30 uur op telefoonnummer  (073) 553 67 00.

Voor overige vragen verzoeken wij u contact op te nemen met de polikliniek Urologie: telefonisch bereikbaar van maandag t/m vrijdag van 08.30 – 17.00 uur op telefoonnummer (073) 553 60 10.

Voor spoed(vragen) kunt u contact opnemen:

  • binnen 48 uur na ontslag met de Spoedeisende Hulp; telefoonnummer (073) 553 27 00;
  • na 48 uur na ontslag met uw huisarts.