Headerafbeelding
Verpleegkundige verwelkomt patiënt op de dagbehandeling
Onderzoek

Ruggenprik (lumbaalpunctie)

Bij een ruggenprik haalt de arts met een holle naald wat hersenvocht weg uit het onderste gedeelte van het wervelkanaal.

Dit hersenvocht wordt in het laboratorium onderzocht op de mogelijke oorzaak van uw klachten. 

Hoe verloopt het onderzoek?

Hier vindt u alle belangrijke informatie over uw onderzoek

Praktische tips

Wat neemt u mee?

Bij iedere afspraak in het ziekenhuis moet u meenemen: een geldig legitimatiebewijs, uw JBZ-patiëntenpas en uw Actueel Medicatie Overzicht (AMO). Hier vindt u meer informatie over wat u moet meenemen.

Opleidingsziekenhuis

In het JBZ leiden we verpleegkundigen, coassis­tenten, artsen en andere zorgverleners op. Dit betekent dat bij uw afspraak soms meerdere zorgverleners aanwezig zijn. En het kan zijn dat u onderzocht of behan­deld wordt door een zorgverlener in opleiding. Deze zorgverlener werkt altijd onder supervisie van een gekwali­ficeerde zorgverlener.

Bekijk uw zorgverzekering

Het is uw eigen verantwoordelijkheid na te gaan of u verzekerd bent voor de zorg waarvoor u naar het Jeroen Bosch Ziekenhuis komt. Bekijk van tevoren uw polisvoorwaarden of informeer bij uw zorgverzekeraar.

MijnJBZ

Via de beveiligde website MijnJBZ kunt u thuis uw persoonlijke en medische gegevens inzien zoals die in het JBZ bekend zijn.

Gegevens delen

Wilt u dat zorgverleners buiten het Jeroen Bosch Ziekenhuis uw medische gegevens kunnen inzien? Dan moet u het JBZ toestemming geven om uw gegevens beschikbaar te stellen.

Betrokken afdelingen

Code NEU-014
Laatste revisie: 14 november 2019 - 09:03
Hoe verloopt het onderzoek?

Ruggenprik (lumbaalpunctie)

Voor een lumbaalpunctie zijn geen speciale voorbereidingen nodig. U hoeft voor het onderzoek niet nuchter te zijn.

Bloedverdunners (Antistolingsmiddelen)

  • Gebruikt u antistollingsmiddelen (Marcoumar®, fenprocoumon,Sintrom®, acenocoumarol)? Dan moet u hiermee enkele dagen voor de lumbaalpunctie stoppen. Na de lumbaalpunctie mag u de antistollingsmiddelen weer innemen. Uw neuroloog overlegt met u wanneer u moet stoppen en wanneer u weer mag starten met de antistollingsmiddelen.
  • 7 dagen voor de lumbaalpunctie moet u stoppen met clopidogrel. Dit medicijn is ook verkrijgbaar onder de namen: Iscover®, Plavix®, Grepid®, Zopya®, Zylt®,Zylagren®. In de plaats daarvan krijgt u acetylsalicylzuur 80 mg. Een dag na de lumbaalpunctie stopt u met de acetylsalicylzuur en start u weer zoals u gewend bent met clopidogrel.
  • Aspirine producten zoals Ascal®, acetylsalicylzuur en carbasalaat kunt u gewoon blijven innemen.
  • Gebruikt u NOAC’s, zoals dabigatran, apixaban en rivaroxaban? Overleg dan met uw behandelaar.

Waar meldt u zich?

U meldt zich bij de Infobalie van het ziekenhuis. De medewerker van de Infobalie wijst u verder naar de juiste afdeling.

Voor het onderzoek

Op de dag van de lumbaalpunctie wordt er bij u bloed geprikt. Als u al eerder bloed heeft laten prikken dan gebruiken we deze bloedwaarden. U hoeft dan niet opnieuw geprikt te worden.

Tijdens het onderzoek

De neuroloog voert de lumbaalpunctie uit. Tijdens het onderzoek ligt u met ontblote rug op uw zij met opgetrokken knieën in bed. Het kan ook zijn dat u voorovergebogen zit op de rand van het bed. Door deze houding is de ruimte tussen de wervels groter. Hierdoor kan de arts u gemakkelijker prikken. De arts bepaalt de houding die u aanneemt tijdens het prikken. Het soort onderzoek kan hierbij beslissend zijn. Doet de arts bijvoorbeeld een drukmeting? Dan is het nodig dat u op bed ligt.

De arts voelt met de vingers het onderste gedeelte van uw wervelkolom af. De juiste plek ontsmetten we met jodium. Daarna brengt de arts de naald in het wervelkanaal. Dit kan een vervelend gevoel geven. Het hersenvocht wordt in een buisje opgevangen en opgestuurd naar het laboratorium voor onderzoek. Het is mogelijk dat we bloed afnemen uit uw arm om dit te vergelijken met het hersenvocht.
 

Mogelijk moet u na het onderzoek één tot drie uur bedrust houden. Dit is om hoofdpijn tegen te gaan. De arts besluit of dat in uw geval nodig is.

  • Tot een aantal dagen na de ruggenprik kunt u last hebben van hoofdpijn. Dit is ongeveer in 20% van de gevallen. De hoofdpijn verdwijnt meestal als u plat op bed gaat liggen.
  • U kunt paracetamol innemen tegen de hoofdpijn.
  • Het is goed om na de ingreep cafeïnehoudende dranken te drinken, zoals koffie en cola. Veel drinken zorgt ervoor dat het hersenvocht weer wordt aangemaakt. Cafeïne versterkt dit effect.

Wanneer neemt u contact op?

Heeft u langer dan vier dagen hoofdpijn? Neem dan contact op met uw behandelend arts om te overleggen.

Als u nog vragen heeft kunt u bellen naar de afdeling Dagbehandeling, telefoonnummer
(073) 553 64 45.