Headerafbeelding
Afdeling KNO
Onderzoek

Gehooronderzoek

Met dit onderzoek kan de KNO-arts nagegaan of uw gehoorklachten te maken hebben met een stoornis van het gehoororgaan.

Hoe verloopt het onderzoek?

Hier vindt u alle belangrijke informatie over uw onderzoek.

Praktische tips

Wat neemt u mee?

Bij iedere afspraak in het ziekenhuis moet u meenemen: een geldig legitimatiebewijs, uw JBZ-patiëntenpas en uw Actueel Medicatie Overzicht (AMO). Hier vindt u meer informatie over wat u moet meenemen.

Opleidingsziekenhuis

In het JBZ leiden we verpleegkundigen, coassis­tenten, artsen en andere zorgverleners op. Dit betekent dat bij uw afspraak soms meerdere zorgverleners aanwezig zijn. En het kan zijn dat u onderzocht of behan­deld wordt door een zorgverlener in opleiding. Deze zorgverlener werkt altijd onder supervisie van een gekwali­ficeerde zorgverlener.

MijnJBZ

Via de beveiligde website MijnJBZ kunt u thuis uw persoonlijke en medische gegevens inzien zoals die in het JBZ bekend zijn.

Code KNO-747
Laatste revisie: 20 augustus 2019 - 15:50
Hoe verloopt het onderzoek?

Gehooronderzoek

De KNO-arts kijkt eerst uitgebreid in uw oren. Daarnaast kan met een stemvork in de spreekkamer een eerste gehooronderzoek worden gedaan. De KNO-arts bepaalt daarna of een uitgebreid gehooronderzoek nodig is. Een audioloog, een audiologie-assistent doet dit uitgebreide onderzoek.

Toonaudiometrie

Via een koptelefoon of een beengeleider laten we u geluiden horen. U hebt een apparaatje in de hand met een drukknop. We vragen u op de knop te drukken wanneer u door de koptelefoon een pieptoon hoort. We gaan op zoek naar het zachtste geluid dat u per toonhoogte kunt horen. Afwisselend laten we u zowel harde als zachte tonen horen. We noteren welke geluiden u wel en niet hoort. Op deze manier kunnen we uw gehoordrempel bepalen. Bij kinderen die een koptelefoon op kunnen, doen we dit in spelvorm.

Observatie audiometrie

Bij patiënten die niet zelf kunnen aangeven of zij een geluid gehoord hebben kijken we hoe ze reageren op de aangeboden geluiden. Dit is bijvoorbeeld bij baby’s, kleine kinderen of verstandelijk beperkte mensen.

Spraakaudiometrie

Met dit onderzoek kijken we hoe goed het vermogen is om spraak te kunnen verstaan. U krijgt via de koptelefoon een serie losse woorden te horen. We vragen u om deze zo goed mogelijk na te zeggen. Deze woorden worden steeds zachter gemaakt, net zo lang tot deze bijna niet meer te verstaan zijn. In een grafiek wordt het percentage goed nagezegde woorden aangegeven.

Tympanometrie

Bij dit onderzoek meten we de beweeglijkheid van het trommelvlies. We plaatsen een dopje in de gehoorgang waarmee de gehoorgang luchtdicht wordt afgesloten. Daarna veranderen we luchtdruk in de gehoorgang steeds, terwijl u een brommend geluid hoort. Als uw trommelvlies goed werkt, dan beweegt het bij het veranderen van de luchtdruk. De beweeglijkheid van het trommelvlies wordt in een grafiek aangegeven.

OAE (Oto Akoestische Emissies)

Met dit onderzoek kan zonder de directe medewerking van de patiënt bepaald worden of het gehoororgaan op dit moment wel of niet goed functioneert.