Behandeling

Sclerotherapie bij symptomatische lever- of niercysten

Binnenkort wordt u opgenomen in Jeroen Bosch Ziekenhuis voor een sclerotherapie van symptomatische lever- of niercysten. Wij geven u en uw naasten hier meer informatie over wat u kunt verwachten van de opname, de behandeling en als u weer thuis bent. Lees deze informatie goed door, dan bent u goed voorbereid op de behandeling. 

Het is goed u te realiseren dat uw persoonlijke situatie anders kan zijn dan hier beschreven. De artsen, verpleegkundigen en andere zorgverleners die u begeleiden, geven u specifieke informatie over uw situatie. Deze schriftelijke informatie is alleen bedoeld als aanvulling op de mondelinge informatie en als naslagwerk.

Wij raden u aan om altijd iemand mee te nemen naar de gesprekken met een zorgverlener.

Hoe verloopt de behandeling?

Hier vindt u alle belangrijke informatie over uw behandeling

Praktische tips

De afdeling Radiologie

Op de afdeling Radiologie is de radioloog verantwoordelijk voor de onderzoeken. De radioloog is een arts die gespecialiseerd is in het uitvoeren en beoordelen van deze onderzoeken. De radiodiagnostisch laborant of physician assistent helpt de radioloog bij de onderzoeken. Ook kunnen zij deze onderzoeken in opdracht van de radioloog zelfstandig uitvoeren.

Wat neemt u mee?

Bij iedere afspraak in het ziekenhuis moet u meenemen: een geldig legitimatiebewijs, uw JBZ-patiëntenpas en uw Actueel Medicatie Overzicht (AMO). Hier vindt u meer informatie over wat u moet meenemen.

Gegevens delen

Wilt u dat zorgverleners buiten het Jeroen Bosch Ziekenhuis uw medische gegevens kunnen inzien? Dan moet u het JBZ toestemming geven om uw gegevens beschikbaar te stellen.

Code RAD-101
Laatste revisie: 11 april 2022 - 10:41
Hoe verloopt de behandeling?

Sclerotherapie bij symptomatische lever- of niercysten

Bent u zwanger?

Bent u zwanger of zou u zwanger kunnen zijn?  Röntgenstraling kan schadelijk zijn voor het ongeboren kind. Vraag uw arts of het onderzoek kan worden uitgesteld. Meld dit óók altijd aan de laborant, voordat het onderzoek begint.

Nuchter zijn

U moet de laatste 2 uur voor de behandeling nuchter zijn. Dit betekent dat u niets meer mag eten of drinken., ook geen kauwgom of snoepjes. 

Uw afspraak

Voor deze behandeling wordt u opgenomen op een verpleegafdeling in het ziekenhuis. U krijgt van tevoren een brief thuisgestuurd met daarin informatie over de opname. Als u al bent opgenomen in het ziekenhuis, wordt de afspraak voor de behandeling telefonisch doorgegeven aan de verpleegafdeling. De behandeling zelf vindt in de loop van de dag op de afdeling Radiologie plaats.

Gebruikt u bloedverdunnende medicijnen of heeft u een stoornis van de bloedstolling?

Dan is het belangrijk dat de arts die dit onderzoek/deze behandeling aanvraagt dit weet. Uw behandelend arts zal u vertellen of u moet stoppen met de bloedverdunners of dat u ze mag blijven gebruiken.

Gebruikt u medicijnen?

Uw medicijnen kunt u gewoon innemen met een klein beetje water.

Heeft u diabetes?

Dan is voor u speciale informatie beschikbaar. Volg de aanwijzingen goed op. Heeft u deze informatie niet ontvangen? Neem dan contact op met de afdeling Radiologie.

Contrastmiddel

Het is mogelijk dat u vóór of tijdens het onderzoek een injectie met een jodiumhoudende contrastvloeistof krijgt. U krijgt deze injectie in uw arm.
Met deze vloeistof zijn de bloedvaten duidelijker te zien op de CT-scan.  

Een onderzoek met contrastvloeistof kan niet:

  • als  u Metformine (Glucophage) gebruikt;
  • bij ernstige nierfunctiestoornissen;
  • als u in het verleden ooit een allergische reactie op contrastvloeistof had;
  • bij hyperthyreoidie (een te snel werkende schildklier)

U heeft in deze gevallen een hoger risico op lichamelijke problemen. Soms kan het onderzoek toch doorgaan als er vooraf speciale maatregelen zijn genomen. Uw behandelend arts kan in overleg met de radioloog beoordelen of een ander onderzoek ook voldoende informatie kan geven. Hoort u tot één van deze risicogroepen?  Heeft uw behandelend arts hier niet naar gevraagd? Dan is het belangrijk dat u zelf contact opneemt met de behandelend arts.

De dag van de behandeling

U wordt op de dag van de ingreep opgenomen in het ziekenhuis. U meldt u zich bij de Infobalie in de centrale hal (bovenaan de roltrap) of u loopt naar de afdeling waar u opgenomen wordt. De verpleegkundige op de afdeling informeert u over de ingreep en het verblijf in het ziekenhuis. Hij of zij stelt u ook nog een aantal vragen, onder andere over uw klachten/symptomen. De verpleegkundige biedt u ondersteuning en begeleiding tijdens uw verblijf. Stel gerust uw vragen aan de verpleegkundige. 

De verpleegkundige vertelt u op welk tijdstip de ingreep is gepland. Dit is een schatting.

Op de verpleegafdeling wordt, als dat nodig is, bloed geprikt. U krijgt een infuusnaald in de arm met een druppelinfuus en u krijgt een operatiejasje aan. Sieraden, make-up en nagellak moet u verwijderen voordat u naar afdeling Radiologie gaat voor de behandeling. Als u een gehoorapparaat heeft, kunt u deze inhouden.

Wat gebeurt er tijdens de behandeling?

De specialist heeft met u gesproken over de behandeling 'sclerotherapie van symptomatische lever- of niercysten'. Deze behandeling vindt plaats op de interventiekamer op afdeling Radiologie. Bij deze behandeling wordt via een klein prikgaatje in de buik een drain (slangetje) of naald ingebracht. U krijgt hiervoor een plaatselijke verdoving. De drain of naald wordt met behulp van echografie tot in de cyste gebracht. Via de drain of naald wordt het vocht uit de cyste gehaald en wordt gemeten hoeveel milliliter vocht in de cyste komt. Het is belangrijk dat we controleren of de cyste niet in verbinding staat met de buikholte of andere weefsels. Dit gebeurt nadat de drain/naald is geplaatst, met behulp van contrast en röntgendoorlichting.

Daarna wordt de cyste behandeld met ethanol 96%. Dit noemen we 'scleroseren'. Het ethanol tast de binnenkant van de cyste aan. Door de cyste van binnenuit te behandelen is het de bedoeling dat deze zich niet meer gaat vullen. 

De behandeling duurt ongeveer 45 minuten.

Wat gebeurt er na de behandeling?

Na de ingreep gaat u weer terug naar de verpleegafdeling. Hier worden een aantal controles uitgevoerd om te kijken hoe het met u gaat. U moet een paar uur in het ziekenhuis blijven voordat u weer naar huis mag.

U mag na de ingreep weer eten.

Voordat u naar huis bespreekt de verpleegkundige nog met u en eventueel uw naaste hoe uw verblijf in het ziekenhuis is verlopen en wat u kunt verwachten in de eerste periode na ontslag.

Adviezen voor thuis

Het wondje (prikgaatje in de huid) kunt u laten drogen aan de lucht, wanneer de hechtpleisters eraf zijn.

Na de ingreep zult u in principe weinig of geen pijn hebben. Heeft u wel pijn, dan mag u paracetamol nemen, volgens de dosering in de bijsluiter. 

 

Weer gaan werken

Wanneer u weer kunt werken is afhankelijk van de aard van uw werkzaamheden en uw individuele situatie. U kunt met uw behandelend arts en de bedrijfsarts overleggen wanneer u uw werk kunt hervatten.

Risico's

Geen enkele ingreep is zonder risico’s. Ook bij deze behandeling is er altijd een risico op een nabloeding of een alcohollekkage in de buikholte of naar andere weefsels. Wij nemen alle mogelijke maatregelen om de risico’s zo beperkt mogelijk te houden.

Ik kan niet naar de afspraak komen, wat moet ik doen?

Kunt u niet naar de afspraak komen? Geef dit dan zo snel mogelijk (minstens 24 uur voor het onderzoek/de behandeling) aan ons door via telefoonnummer (073) 553 26 00. We kunnen dan in uw plaats een andere patiënt helpen.

Wat moet ik doen als ik thuis klachten krijgt?

Krijgt u thuis last van ernstige pijn, zwelling, benauwdheid of krijgt u koorts, neemt u dan direct contact op met de polikliniek van uw behandelend arts.

Buiten kantooruren kunt u contact opnemen met de Spoedeisende Hulp, telefoonnummer: (073) 553 27 00.

Ik heb nog vragen, waar kan ik die stellen?

Heeft u nog vragen, dan kunt u bellen naar de afdeling Radiologie. De afdeling is bereikbaar van maandag t/m vrijdag van 08.00 tot 17.00 uur op het telefoonnummer (073) 553 26 00.