Headerafbeelding
aanzicht ingang Jeroen Bosch Ziekenhuis met overkapping
Behandeling

Passageklachten van de darm, voedingsadviezen

Passageklachten van de darm kunnen verminderen of voorkomen worden door rekening te houden met een aantal voedingsadviezen.

Bij passageklachten kan voedsel of ontlasting niet goed door de darm heen gaan. Deze klachten ontstaan wanneer de darm helemaal of voor een gedeelte wordt afgesloten. Dit wordt een (sub)ileus genoemd. Bij passageklachten krijgt u weinig of geen ontlasting meer. Hierdoor kunnen plotseling (hevige) klachten ontstaan, zoals aanvallen van buikpijn, misselijkheid, braken en een opgezette buik.

Uw arts heeft de behandelmogelijkheden met u besproken. Hieronder vindt u adviezen over uw voeding.

Voedingsadviezen bij passageklachten van de darm

Praktische tips

Gegevens delen

Wilt u dat zorgverleners buiten het Jeroen Bosch Ziekenhuis uw medische gegevens kunnen inzien? Dan moet u het JBZ toestemming geven om uw gegevens beschikbaar te stellen.

MijnJBZ

Via MijnJBZ kunt u zelf een deel van uw persoonlijke en medische gegevens inzien die in het JBZ over u bekend zijn. Zie ook: Wat kan ik in MijnJBZ zien? 

Bekijk uw zorgverzekering

Het is uw eigen verantwoordelijkheid na te gaan of u verzekerd bent voor de zorg waarvoor u naar het Jeroen Bosch Ziekenhuis komt. Bekijk van tevoren uw polisvoorwaarden of informeer bij uw zorgverzekeraar.

Meer informatie

Code DIE-074
Laatste revisie: 7 februari 2022 - 09:28
Voedingsadviezen bij passageklachten van de darm

Passageklachten van de darm, voedingsadviezen

Bij een totale afsluiting kan er geen voedsel of ontlasting meer door de darm. U mag dan niets meer eten. Mogelijk krijgt u een maagsonde. Dit is een slangetje dat via uw neus naar uw maag loopt. Vocht en voeding worden dan via de maagsonde uit uw maag gehaald. Hierdoor worden de klachten van misselijkheid en braken minder.

Mogelijk krijgt u een infuus en krijgt u via de bloedbaan (parenteraal) vocht, zouten en/of voeding toegediend.

Bij een gedeeltelijke afsluiting of als afsluitingen van de darm steeds terug komen krijgt u de volgende voedingsadviezen:

  • Er zijn een aantal producten die u moet vermijden.
  • Gebruik voldoende vocht: 1.5 tot 2 liter per dag.
  • Kies een voeding met ‘fijne’ vezels.
  • Eet rustig en aandachtig.
  • Kauw alle voeding goed, of maal het eten vooraf met een keukenmachine of maak het vloeibaar.
  • Vermijd voeding die niet goed gekauwd of gemalen kan worden.
  • Verzorg uw mond goed, ook als eten via uw mond niet mogelijk is.

Welke voedingsmiddelen kunt u beter vermijden?

Neem geen voeding met grove vezels of grove onverteerbare resten, zoals:

  • Groente met harde nerven, rauwe groenten, rauwkost, vezelige draderige groenten, zoals asperges, aubergine, bleekselderij, bamboescheuten, champignons, schorseneren, zuurkool, venkel, rabarber, taugé, tuinbonen, draderige sperzie- en snijbonen, doperwten, maïs.
  • Fruit met pit en schil, stukjes citrusfruit, ananas, bessen, bramen, druiven, sinaasappel, kokosproducten, gedroogde vijgen, rozijnen, dadels en pruimen.
  • Taai en draderig vlees met botten en (ronde) pezen.
  • Vis met graten.
  • Grove volkorenproducten, zoals zilvervliesrijst, volkoren pasta, roggebrood, muesli, cruesli, grof volkorenbrood, volkoren knäckebröd.
  • Brood en crackers met rozijnen, noten, zaden of pitten.
  • Peulvruchten, zoals bruine bonen, witte bonen, kapucijners enzovoort.

Welke voedingsmiddelen kunt u wel nemen?

U kunt wel voedingsmiddelen met ‘fijne vezels’ gebruiken, zoals:

  • Bloem, havermout, griesmeel, custard, maïzena, Bambix en Brinta.
  • Bruinbrood (lichtbruin/tarwebrood), fijn volkorenbrood, wit brood, crackers, croissants, volkorenbeschuit, ontbijtkoek, cake, biscuits, Cracottes Vital, Cornflakes.
  • Gekookte aardappelen, puree, witte rijst, pasta of mie.
  • Fijngesneden groente die goed gaar gekookt is (verwijder harde stukjes), groentesoep met goed fijn gesneden groenten, zoals bloemkool, broccoli, prei, worteltjes, spinazie, boerenkool, courgette, bieten, rode kool.
  • Peulvruchtenmoes.
  • Geschild en ontpit fruit, zoals appel, banaan, kiwi, mango, perzik, nectarine, peer, pruimen.
  • Moes (gezeefd) van fruit zoals appel, pruimen.
  • Gezeefd vruchtensap, vruchtenmoes.
  • Wit vlees, kip, wild.
  • Gefileerde vis zonder graat.
  • Drink- en sondevoeding met vezel.
  • Voedingsmiddelen met weinig of geen onverteerbare delen, zoals suiker, boter, geraffineerde graanproducten, melk en melkproducten.

Merknamen

In deze informatie staan sommige voedingsmiddelen met merknaam genoemd. Dit is vooral om de herkenbaarheid te vergroten. U mag natuurlijk ook soortgelijke producten van andere merken gebruiken.

Neemt u dan contact op met het secretariaat van de afdeling Diëtetiek, telefoonnummer (073) 553 20 19. Zij kunnen zo nodig een afspraak met u maken voor een gesprek met de diëtist.

Heeft u tijdens uw opname al een diëtist gesproken? Geeft u dan als u belt uw naam, geboortedatum en telefoonnummer door. De diëtist waar u al eerder mee gesproken heeft, belt u dan zo snel mogelijk terug.