Behandeling

Ethanol-ablatie

Bij deze behandeling wordt een cyste (een met vocht gevulde ruimte) in de schildklier verwijderd.

De radioloog prikt de cyste in uw schildklier aan zodat het vocht eruit kan lopen. Vervolgens wordt er ethanol (alcohol) in de ruimte gespoten. Dit heeft een etsende werking, waardoor de wanden aan de binnenzijde van de cyste aan elkaar zullen kleven. De cyste zal daardoor verschrompelen en zich niet opnieuw met vocht vullen. 

Lees meer

LET OP! Deze informatie beschrijft de algemene gang van zaken. Het is mogelijk dat de behandeling in uw geval net iets anders verloopt. 

In het Jeroen Bosch Ziekenhuis werken physician assistants (PA). Informatie over dit beroep ontvangt u bij de afspraakbevestiging of heeft u bij uw eerste polikliniekbezoek ontvangen. U bent onder behandeling van een endocrinoloog of de PA interne geneeskunde. De behandeling wordt uitgevoerd op de afdeling Radiologie door de radioloog of PA radiologie. Voor de leesbaarheid van de folder wordt hier steeds de radioloog of endocrinoloog genoemd, maar kunt u dit dus ook lezen als  PA.

Hoe verloopt de behandeling?

Hier vindt u alle belangrijke informatie over uw behandeling

Praktische tips

Wat neemt u mee?

Bij iedere afspraak in het ziekenhuis moet u meenemen: een geldig legitimatiebewijs, uw JBZ-patiëntenpas en uw Actueel Medicatie Overzicht (AMO). Hier vindt u meer informatie over wat u moet meenemen.

De afdeling Radiologie

Op de afdeling Radiologie is de radioloog verantwoordelijk voor de onderzoeken. De radioloog is een arts die gespecialiseerd is in het uitvoeren en beoordelen van deze onderzoeken. De radiodiagnostisch laborant of physician assistent assisteert de radioloog bij de uitvoering van de onderzoeken. Ook kunnen zij deze onderzoeken in opdracht van de radioloog zelfstandig uitvoeren.

Bekijk uw zorgverzekering

Het is uw eigen verantwoordelijkheid na te gaan of u verzekerd bent voor de zorg waarvoor u naar het Jeroen Bosch Ziekenhuis komt. Bekijk van tevoren uw polisvoorwaarden of informeer bij uw zorgverzekeraar.

MijnJBZ

Via de beveiligde website MijnJBZ kunt u thuis uw persoonlijke en medische gegevens inzien zoals die in het JBZ bekend zijn.

Gegevens delen

Wilt u dat zorgverleners buiten het Jeroen Bosch Ziekenhuis uw medische gegevens kunnen inzien? Dan moet u het JBZ toestemming geven om uw gegevens beschikbaar te stellen.

Betrokken afdelingen

Code RAD-092
Laatste revisie: 3 maart 2020 - 11:02
Hoe verloopt de behandeling?

Ethanol-ablatie

Gebruikt u bloedverdunners?

Als u bloedverdunners (ook wel antistollingsmedicijnen genoemd) gebruikt, bespreekt uw behandelend arts met u wanneer u deze medicijnen tijdelijk moet stoppen. Als u bekend bent bij de trombosedienst zal uw behandelend arts u tijdelijk andere medicatie voorschrijven en moet u op de dag van het onderzoek uw bloed (INR) laten bepalen. 

Bent u zwanger of geeft u borstvoeding?

Zwangerschap of geven van borstvoeding zijn bij deze behandeling geen probleem. 

Opname

Voor deze behandeling wordt u enkele uren opgenomen op de afdeling Dagbehandeling. Van het Planbureau krijgt u bericht hoe laat u wordt verwacht. 

Wat voor kleding trekt u aan?

Voor deze behandeling moet u meestal uw trui of blouse uittrekken en u mag geen halssieraden dragen. Houdt u hiermee rekening bij uw kledingkeuze.

Waar meldt u zich?

U meldt zich bij de Infobalie van het ziekenhuis. De medewerker van de Infobalie wijst u verder naar de juiste afdeling.

Wat gebeurt er tijdens de behandeling?

Tijdens de behandeling ligt u op een onderzoekstafel horizontaal of met het hoofd iets achterover. Als u uw trui of blouse uit heeft moeten doen wordt u afgedekt.

Met behulp van echografie bepaalt de radioloog de exacte plaats van de cyste in uw schildklier. Tussen de de cyste en de huid  spuit de radioloog vervolgens een verdovingsmiddel in, waardoor de behandeling minder pijnlijk is. Bij de prikplek wordt de huid goed schoongemaakt en de prikplek wordt afgedekt met een steriele doek. De radioloog prikt vervolgens de cyste met een holle naald aan, zodat het vocht uit de cyste kan worden gehaald. Via dezelfde naald spuit de radioloog nu ethanol (‘alcohol’) terug.

Tijdens de behandeling vraagt de radioloog u regelmatig om te praten. Zo kan de radioloog nagaan of u geen hinder van de behandeling ondervindt.

Na verwijdering van het ethanol zal ook de naald worden verwijderd en wordt de prikplek afgedekt met een pleister.

Het eerste half uur na de behandeling drukt u zelf met uw eigen hand op de prikplek om nabloeden te voorkomen en om verkleving van de cystewanden te bevorderen. De radioloog legt u uit hoe u dit moet doen. 

 

Zijn er risico's of bijwerkingen?

Elke behandeling kent een risico op complicaties. De specialist die het onderzoek heeft geadviseerd, weegt altijd de kans op complicaties af tegen de voordelen van het uitvoeren van het onderzoek.

Infecties

De behandeling vindt plaats onder steriele omstandigheden. Dit betekent dat de prikplek voor start van de procedure ruim wordt gedesinfecteerd en dat er steriele materialen worden gebruikt. Het risico op een eventuele infectie is gemiddeld lager dan 1 procent.

Echografie

Er zijn geen nadelige  effecten bekend van het gebruik van echografie.

Bijwerkingen verdovingsmiddel

Het plaatselijke verdovingsmiddel dat we gebruiken, geeft zelden bijwerkingen. In een klein aantal gevallen (kleiner dan 0,1 procent) kan een huidreactie (roodheid, jeuk) of een allergische reactie optreden. De risico’s zijn groter als u in het verleden al eens een allergische reactie op een plaatselijk verdovingsmiddel heeft gehad. Dit willen wij dan uiteraard graag vóór de start van het onderzoek weten.

Ethanol = alcohol.

Ethanol wordt bewust gebruikt omdat het een etsende werking heeft. Dit betekent dat de cellen aan de binnenwand van de cyste beschadigd raken. Hierdoor worden deze cellen plakkerig waardoor de cystewanden aan elkaar gaan plakken. Buiten de cyste is het effect van ethanol niet merkbaar. 

Er is een kleine kans dat door het ethanol een stemverandering optreedt doordat de stemzenuw wordt geprikkeld. Dit is vrijwel altijd tijdelijk, maar heel soms is dit blijvend.

Wat gebeurt er na de behandeling?

  • Na afloop van de behandeling gaat u terug naar de afdeling Dagbehandeling.
  • De radioloog bespreekt met u wanneer u weer naar huis mag. Meestal is het nodig dat u na afloop 1-2 uur moet blijven.
  • Tevens krijgt u een afspraak voor een poliklinische controle bij de endocrinoloog, enkele weken na de ingreep.
  • In uw hals ontstaat mogelijk een blauwe plek door het aanprikken. Dat is normaal. 
  • Pijn: Als er in uw hals geprikt is kan dit na afloop pijnlijk zijn. Eventueel kunt u paracetamol innemen tegen de pijn, maximaal 4 x 1000 mg per dag.
  • De pleister mag u na 24 uur verwijderen.
  • Wij adviseren u tot 48 uur na de punctie rustig aan te doen, NIET te sporten en NIET te zwaar te tillen

Ik kan niet naar de afspraak komen, wat moet ik doen?

Kunt u niet naar de afspraak komen? Geef dit dan zo snel mogelijk (minstens 24 uur voor het onderzoek/behandeling) aan ons door via telefoonnummer (073) 553 26 00. We kunnen dan in uw plaats een andere patiënt helpen.

Wanneer neem ik contact op met het ziekenhuis?

Ondanks de goede zorgen kan er toch een complicatie optreden (zie ook bij Risico's en bijwerkingen).

Na de behandeling neemt u direct contact met op met het Jeroen Bosch ziekenhuis als u:

  • thuis ernstige pijn krijgt;
  • duizelig wordt;
  • een grote bloeduitstorting krijgt;
  • zich niet goed voelt en u het vermoeden heeft dat dit met het onderzoek te maken kan hebben.

Tijdens kantooruren kunt u rechtstreeks contact opnemen met de afdeling Radiologie (073) 553 26 00.

Buiten kantooruren kunt u contact opnemen met de Spoedeisende Hulp ’s-Hertogenbosch (073) 553 27 00.

Van wie krijg ik de uitslag?

Uw endocrinoloog krijgt de uitslag van de echografie en de Ethanol behandeling en bespreekt deze met u tijdens uw eerstvolgende polikliniekbezoek.

 

Wat gebeurt er bij de nazorg op de polikliniek?

Na enkele weken komt u weer terug bij uw endocrinoloog voor nacontrole. Mocht de cyste in de schildklier toch weer vol zijn gelopen, dan kan overwogen worden de behandeling nogmaals uit te voeren. Is de cyste geheel verdwenen, dan is nacontrole niet altijd nodig. Dit alles bespreekt u met uw endocrinoloog.

Ik heb nog vragen, waar kan ik die stellen?

Deze informatie is bedoeld als aanvulling op het gesprek dat u heeft gehad met uw endocrinoloog. Heeft u na het lezen van deze folder nog vragen? 

Neemt u dan telefonisch contact op met de afdeling Radiologie (073) 553 26 00 of met de polikliniek Algemene Interne Geneeskunde en Endocrinologie (073) 553 30 81.