Headerafbeelding
Zon schijnend op de kersenbloesem in binnentuin
Behandeling

Plotseling optredende verwardheid (delier) in de stervensfase

Het gedrag en de reactie van uw naaste is plotseling anders dan u gewend bent. Er is sprake van een delier.

Een delier is een plotseling (acuut) optredende verwardheid. De patiënt kan onrustig zijn of juist stil en teruggetrokken. Een delier komt regelmatig voor bij zieke patiënten en komt veel voor in de laatste fase van het leven. Meestal hebben mensen met een delier zelf niet goed in de gaten dat ze verward zijn. De naasten van de patiënt merken dit juist wel goed en schrikken van de veranderde situatie. Zij maken zich zorgen of de verwardheid nog wel over zal gaan. Een delier is zowel voor de patiënt als voor de naasten een bijzonder nare ervaring.

Lees meer

Hoe lang duurt een delier?

Het beeld kan van uur tot uur wisselen. Een delier is meestal tijdelijk, die enkele uren tot enkele dagen/weken kan duren. Dit is afhankelijk van verschillende factoren zoals de ernst van de ziekte, de behandeling, de leeftijd en de conditie van de patiënt.

Hoe verloopt de behandeling?

Hier vindt u alle belangrijke informatie over uw behandeling
Code ALG-103
Laatste revisie: 7 februari 2022 - 09:28
Hoe verloopt de behandeling?

Plotseling optredende verwardheid (delier) in de stervensfase

Delier in de laatste levensfase

In de laatste levensfase gaat de toestand van de patiënt vaak steeds verder achteruit.
Het delier kan een uiting zijn van de ernst van de ziekte. In dat geval kan het heel
moeilijk zijn om de oorzaak van de verwardheid weg te nemen. Ook wanneer er geen
oorzaak te vinden is of de patiënt heeft maar een korte levensverwachting, lukt het
soms niet om de verwardheid helemaal te laten verdwijnen. Wel proberen we altijd
om het voor de patiënt zo comfortabel mogelijk te maken.

Terminale delier

Bij het terminale delier is het niet mogelijk om de oorzaak van het delier te vinden of kan deze niet goed meer behandeld worden. Medicijnen om de angst en de onrust weg te nemen helpen in dat geval onvoldoende. Dit is een situatie waarin alle betrokkenen zich erg machteloos kunnen voelen. Om de situatie voor de patiënt weer rustig en comfortabel te maken, is de enige mogelijkheid nog om de patiënt diep in slaap te brengen.

U kunt uw naaste steunen en het contact verbeteren wanneer u op een aantal dingen let. 

Op bezoek

  • Bezoek is belangrijk, maar teveel personen is vermoeiend. Dit werkt de verwardheid in de hand. Spreek met andere bezoekers af, wie wanneer op bezoek komt. Als u met meer personen op bezoek komt, ga dan aan één kant van het bed of de stoel zitten. Uw naaste kan zich dan zoveel mogelijk op één punt richten.
  • Reageert uw naaste ongewoon op uw bezoek? Zeg dan wie u bent, waarom u komt en herhaal dit zo nodig. Als u merkt dat uw naaste anders reageert dan dat u gewend bent, wilt u dit dan doorgeven aan de verpleegkundige.
  • Ga op ooghoogte zitten bij uw familielid, dit is voor de patiënt vaak veel prettiger.
  • Soms kan het geruststellend zijn als u uw hand op de hand van uw naaste legt terwijl u in gesprek bent.
  • Vertel uw naaste dat hij ziek is en in het ziekenhuis ligt.
  • Spreek rustig en in korte duidelijke zinnen.
  • Stel enkelvoudige vragen, zoals: “Heeft u lekker geslapen?” Stel geen twee vragen tegelijk zoals: “Heeft u lekker geslapen of bent u steeds wakker geweest?”
  • U hoeft niet steeds te praten, het is vaak al fijn dat u er gewoon bent.
  • Maak gebruik van een communicatieschriftje, zodat bezoek kan lezen er is gebeurd. Bezoek hoeft dit dan niet steeds te vragen aan uw naaste.

Ander gedrag

  • Ga niet mee in de vreemde ideeën of met de dingen die uw naaste hoort of ziet, maar die er niet zijn (hallucinaties). Probeer hem ook niet tegen te spreken. Wel kunt u duidelijk maken, dat u de dingen anders ziet, maar dat dit niet erg is.
  • Stel gerust, maak er geen ruzie over. Praat over echte personen en gebeurtenissen of over de gevoelens die de hallucinaties bij uw naaste oproepen, zoals verbazing, angst, onrust, enzovoort. Of vertel dat de gedachten van de patiënt verward zijn. Dat dit komt door het ziek zijn, de operatie enzovoort.
  • Realiseert u zich dat uw naaste erg angstig kan zijn door deze verwarde gedachten maar deze angst tijdens het delier niet goed onder verwoorden kan of durft te brengen.
  • Maak geen grapjes over het gedrag van uw naaste. Hij is zich er soms van bewust dat zijn gedrag vreemd is, maar heeft zichzelf niet in de hand. Uw naaste zal het zich later kunnen herinneren.

Wat neemt u mee?

  • Let erop dat uw naaste zijn bril of gehoorapparaat gebruikt. Neem reserve batterijtjes mee.
  • Neem voor uw naaste vertrouwde spulletjes mee naar het ziekenhuis, bijvoorbeeld een kalender, wekker, horloge, het eigen hoofdkussen, en een foto mee van familie. Plaats deze in het zicht van uw naaste. Deze spulletjes kunnen ervoor zorgen dat uw naaste zich beter kan oriënteren en zich minder angstig en alleen voelt. 
  • Breng eigen kleding en schoenen mee, zodat uw naaste overdag aangekleed kan zijn. Maar ook eigen nachtkleding en pantoffels.
  • Maak gebruik van een communicatieschriftje, zodat bezoek kan lezen er is gebeurd. Bezoek hoeft dit dan niet steeds te vragen aan de patiënt.

Door het delier kan uw naaste vaak minder goed meehelpen met de behandeling. Soms doet hij door de onrust of de verwardheid zelfs dingen die gevaarlijk zijn, zoals sondes er uit trekken, het katheter verwijderen, uit bed komen enzovoort. Het is voor uw naaste dan meestal heel prettig als u wat vaker of wat langer op bezoek komt.  Om onrust en angst te verminderen, is het ook mogelijk om ‘s nachts bij uw naaste te blijven slapen (‘rooming in’). U kunt de verpleegkundige vragen naar de mogelijkheden.

Heeft u vragen over deze plotselinge verwardheid, dan kunt u altijd terecht bij de verpleegkundige die uw familielid, vriend(in) of kennis verpleegt.