Ga direct naar: Inhoudsopgave | Zoeken | Site-navigatie

Prostaatkanker (hormonale behandeling)

Prostaatkanker wordt minder actief als de invloed van het mannelijke geslachtshormoon testosteron wordt verminderd. Bij hormoontherapie wordt het testosteron verlaagd of het effect ervan geblokkeerd. Deze behandeling heeft effect op het hele lichaam. Daarom wordt het toegepast bij prostaatkanker met uitzaaiingen.


Met hormoontherapie kan de ziekte worden teruggedrongen en voor een bepaalde tijd geremd, maar er is geen sprake van volledige genezing. Bij uitwendige bestraling wordt de hormonale behandeling vaak ook gegeven als ondersteuning. Dat is dan maar tijdelijke behandeling: ten minste gedurende zes maanden, maar meestal gedurende drie jaar.

 

Vormen van hormonale therapie

Er zijn drie vormen van hormonale therapie. De eerste twee zijn gericht op het sterk verlagen van de aanmaak van het testosteron:

  1. Door het verwijderen van de (inhoud) van de zaadballen wordt de hoeveelheid testosteron zeer sterk verlaagd. Hoewel castratie in medisch opzicht geen grote operatie is, kan deze ingreep in emotionele zin toch heel wat van een man vergen.
  2. Er zijn medicijnen die er voor zorgen dat de zaadbal stopt met het maken van testosteron. Deze medicijnen staan bekend als de LHRH agonisten en worden doorgaans met een injectie toegediend. De injectie werkt drie of zes maanden. De volgende middelen zijn hiervan voorbeelden: gosereline, leuproreline, busereline, decapeptyl.
  3. Er zijn medicijnen die ervoor zorgen dat het testosteron geen contact meer maakt met de prostaatkankercellen (maar ook niet met andere zogenaamde doelorganen). Deze middelen, die in tabletvorm beschikbaar zijn, noemen we de anti-androgenen. De volgende middelen zijn hiervan voorbeelden: bicalutamide, nilutamide, flutamide, cyproteron.

 

Bijwerkingen

Regelmatig voorkomende bijwerkingen van hormoontherapie kunnen zijn:

  • opvliegers; 
  • vermoeidheid; 
  • verminderde zin in seks (verminderd libido); 
  • gewichtstoename; 
  • erectiestoornissen; 
  • borstvorming;
  • pijnlijke tepels; 
  • afname van spierweefsel;
  • toename van vetweefsel; 
  • botontkalking.

Zie ook

Patiƫntenfolders

Inhoudsopgave

Zoeken

Lees voorLees voor | Print
Deze website maakt gebruik van cookies.   Meer informatie Sluiten