Deze website maakt gebruik van cookies.   Meer informatie Sluiten

Ga direct naar: Inhoudsopgave | Zoeken | Site-navigatie

Wanneer de aderklep in de lies of knieholte lek is, kan ‘plaatselijk onderbinden’ uitkomst bieden. Dit wordt in medische termen een 'crossectomie' genoemd. Met een kleine snede in de lies of knieholte wordt de verbinding van de oppervlakkige ader met de grote beenader opgeheven. Ook andere zijverbindingen met de oppervlakkige ader worden dan opgeheven. Deze ingreep kan vaak onder plaatselijke verdoving worden uitgevoerd. Aansluitend (of later poliklinisch) worden de spataderen op het been weggespoten.

 

Als er meerdere lekke kleppen zijn in de oppervlakkige ader, wordt deze ader meestal weggehaald. Dit wordt 'strippen' genoemd. In de lies of knie wordt dan eerst dezelfde procedure uitgevoerd als bij plaatselijk onderbinden. Daarna wordt een kleine snede gemaakt onder de knie. Met een speciaal instrument (de stripper) wordt de ader uit het been verwijderd.

 

In het gebied waar de ader heeft gezeten ontstaat vaak een bloeduitstorting. Deze trekt in de loop van een aantal weken vanzelf weg. Afhankelijk van de uitgebreidheid van de operatie kunt u dezelfde dag weer naar huis, of wordt u kortdurend opgenomen in het ziekenhuis. De operatie wordt verricht onder algehele anesthesie (verdoving) of met een ruggenprik.

 

Deze behandelingen vinden plaats in dagopname en worden uitgevoerd door de vaatchirurg.

Zoeken

Lees voorLees voor |A A A | Print